De 100 kastelenroute in het Münsterland, allemaal even mooi?

Door: Patrick van der Meer

Duitsland kent vele kastelen, en een aantal daarvan zijn zeker te vinden op de 100 kastelenroute van het Münsterland. Maar het ene kasteel is het andere niet. Wij zochten naar de echte pareltjes.

Patrick fietst op de 100 kastelenroute langs kasteel Westerwinkel

De 100 kastelenroute is bedoeld als fietsroute door het Münsterland. Maar met een totale lengte van 960 kilometer zijn er maar weinig mensen die hem helemaal voltooien.

De route is opgedeeld in de 4 windstreken, ieder met een lengte rond de 250 kilometer. Om één deelroute te rijden heb je al zo'n 5 a 6 dagen nodig.

Je moet dus keuzes maken, en dan is het wel handig als je weet waar de mooiste kastelen staan. Wij helpen je daarbij een handje.

De kastelen op de route zijn onderverdeeld in 4 typen: de gote Highlights (in het geel), grote toegankelijke kastelen (in Oranje), kastelen in de natuur die rondom te bezichtigen zijn (in groen) en kastelen in privé-bezit (in blauw).

Handig, maar we kwamen er achter dat dit lang niet alles zegt over de kastelen. De gele kastelen zijn meestal wel prachtig, maar de oranje kastelen zijn vaak niet beter toegankelijk dan de groene en zelfs sommige blauwe.

Hier lees je daarom wat wij ontdekten op onze tocht langs de kastelen.

Ons Advies

Voordat we de 4 deelroutes en de kastelen daarop bespreken, willen we je eerst ons advies geven over hoe je te werk gaat als je de 100 kastelenroute wil bezoeken.

Op de eerste plaats dien je te bepalen hoeveel dagen je ervoor uit wilt trekken. En hoeveel kilometer je per dag wilt afleggen (op de fiets of met de auto).

Daarna bekijk je hieronder welke kastelen je graag wilt zien, en verdeel die in clusters van kastelen die in de buurt van elkaar liggen. Neem daarbij de kilometers per dag in gedachten die je eerder hebt bepaald. 

Dan kan je bepalen in welke stad of steden je wil verblijven, waar vanuit je de route(s) langs de kastelen kan maken.

De Westelijke route begint bij het prachtige kasteel Anholt

Patrick in het park rond waterburcht Anholt

Direct over de Nederlandse grens begint de Westelijke route, en het eerste kasteel is direct prijs: het als Highlight aangemerkte Kasteel Anholt stelt zeker niet teleur.

Voor een kleine toegangsprijs kan je het mooie waterslot vanuit de tuinen rondom bewonderen. Als je wat meer betaalt kan je met een rondleiding ook de barokke inrichting van de zalen in het kasteel bewonderen, met ook diverse kunstwerken van Hollandse meesters.

In een ander gebouw van het kasteel is nu een mooi hotel gevestigd. Hier kan je in luxe en stijl overnachten, een unieke ervaring!

Privé-bezit waar je wel of niet kan rondkijken

Patrick bewondert Jugendburg Gemen

Als je op de fiets bent dan is het na Anholt lang rijden voordat er weer iets interessants op de route komt.

In en bij Bocholt staan een paar privé landhuizen waar je van een afstandje naar kan kijken. Bij Huis Diepenbrock is zelfs een hotel en café, maar alleen op woensdagen is het kasteel te bezichtigen.

Bij Borken kan je helemaal rond en op de binnenplaats van Jeugdkasteel Germen komen. Wat ons  betreft een hoogtepunt, al staat het niet zo aangegeven.

Burg Ramsdorf staat in het Oranje aangegeven, maar het interactief museum hierin is pas vanaf 15 uur open. Van het Middeleeuwse kasteel is vooral de toren nog in oude stijl.

Schloss Velen is mooi, maar je kan niet dichtbij komen (de foto is sterk ingezoomd)

Slot Velen is tegenwoordig een conferentie locatie. Hoewel je rond het imposante complex kan lopen, is het een teleurstelling dat je het terrein niet op mag.

Wederom is het ver fietsen richting het Noorden naar andere hoogtepunten op de route. Afgezien van enkele landhuizen, is vooral kasteel Ahaus in het gelijknamige stadje een aanrader. Hier vind je verschillende musea, en het terrein is gratis toegankelijk.

In deze hoek van de route zijn ook het klooster Asbeck en de overgebleven gebouwen van het kasteel in Nienborg leuk om te bezoeken.

Patrick bij het fotoframe boor Schloss Buldern

De Westelijke route gaat dan weer richting het Zuiden langs het stadje Coesfeld. Hier vind je een stadspaleis met grote paleistuin. En aan de rand van de stad het mooie Haus Loburg met een boerderijwinkel en jaarlijks een Middeleeuwse markt in de zomer en kerstmarkt in de winter.

Dan wacht weer een lange tocht als je op de fiets bent. In Buldern vind je een prachtige witte waterburcht verscholen in de bossen. Maar Huis Visbeck kan je gerust overslaan, en kasteel Sythen eigenlijk ook.

Schloss Raesfeld met zijn opvallende toren

Als je niet gebonden bent aan de Westelijke route, dan is overstappen naar de Zuidelijke route hier ook mogelijk. Maar op de weg terug richting Anholt (als je daar begonnen bent) liggen nog wel twee pareltjes:

Schloss Lembeck is één van de grootste waterburchten in het Münsterland. Het Schlosspark is van Goede Vrijdag tot 31 oktober toegankelijk, de musea alleen in het weekend.

Schloss Raesfeld is met zijn hoge toren een echte eyecatcher. Je kan rond het kasteel lopen en op de binnenplaats die vrij toegankelijk is.

De Zuidelijke route met 3 kastelen in Lüdinghausen

Patrick voor Burg Lüdinghausen

Zoals gezegd raakten we op de Westelijke route al bijna aan de Zuidelijke. Deze route is "slechts" 208 km lang, maar toch zijn ook hier lange stukken die je (als je wil) kan overslaan.

Een goed startpunt voor de Zuidelijke route is de stad Lüdinghausen. In dit gezellige stadje vind je maar liefst 3 kastelen. Nou ja, Burg Wolfsberg was ooit een imposant complex. Maar het enige overgebleven gebouw is nog nauwelijks herkenbaar als kasteel. 

Burg Lüdinghausen is een mooi klein kasteel in het midden van een leuk levendig park. Op de binnenplaats is, zeker in de zomerweekenden, vaak wat te doen.

De achterkant van Burg Vischering

Maar het mooiste kasteel van Lüdinghausen ligt iets verderop, op loopafstand: Burg Vischering. Dit is een Middeleeuws kasteel zoals je hem verwacht: met een slotgracht, muren rondom, donjon toren en rood-witte luiken voor de ramen. En binnen een leuk museum over de geschiedenis van de 3 kastelen.

Hou je van groot en imposant?

Beelden in de tuin voor het imposante Schloss Nordkirchen

De volgende stop op de route richting Oosten is kasteel Nordkirchen. Dit wordt ook wel het Westfaals Versailles genoemd, dus dan weet je het wel.

Je moet ervan houden, maar imposant is het in ieder geval. Dat begint al met de enorme tuinen rondom. Bijna dagelijks vind je hier bruiden en bruidegommen met hun fotografen.

De gebouwen zijn, uiteraard, in Franse stijl. Vanaf de voorkant zie je alleen het grote voorgebouw, en de twee torens op de hoekpunten van de gracht. Aan de zijkanten completeren lagere gebouwen een U-vorm.

Het park en de tuinen zijn vrij toegankelijk. Rondleidingen met audiotour of gids van vrijdag tot en met zondag.

Of iets kleiner maar fijner?

We mochten zomaar op het terrein van Kasteel Westerwinkel kijken

Eigenlijk nog mooier vonden wij het kasteel Westerwinkel. Op de kaart als privé-bezit (blauw) aangegeven waren wij blij verrast door dit prachtige barokke kasteel met klassieke hoektorens.

Het kasteel wordt dus nog bewoond. Maar als je geluk hebt, zoals wij, dan staan de hekken open en kan je een kijkje nemen op het terrein.

Heb je dat geluk niet, dan kan je het kasteel nog altijd goed zien vanaf de buitenkant. Rondom ligt een golfterrein, en het restaurant van de golfclub ligt naast het kasteel. Hier kan je ook even heerlijk relaxen voordat je verdergaat.

Van hieruit gaat de route omhoog richting Münster.  Rond Drensteinfurt liggen 4 waterburchten. Haus Venne, Haus Borg en het Bisping Haus kunnen van buitenaf worden bezichtigd.

Waterslot Steinfurt ligt vreemd genoeg niet op de 100 kastelenroute, maar hoort er eigenlijk wel bij. Het is de enige die in het dorp Drensteinfurt zelf ligt.

In de buurt ligt  ook de ruïne van Davensberg. Deze ligt wel op de route, al is alleen nog een mooie kasteeltoren over.

Voor Haus Brückhausen en Drosthof Wolbeck moet je een kleine omweg maken. En je zou je kunnen afvragen of je dat wilt doen. De eerste is een aardig, maar niet bijzonder landhuis. En Drosthof Wolbeck is wel mooi, maar privé-bezit en zelfs het park rondom is niet meer toegankelijk.

Je kan ook een beetje afsnijden zodat je direct in Münster aankomt. Sowieso een stad die je gezien moet hebben, nog los van het prachtige barokke stadslot. Dit hoort nu bij de universiteit, je kan er dus zo naar binnen lopen en ook de botanische tuin erachter is een aanrader.

Patrick opent de poort naar het kleine barokke Haus Ruschhaus

Ten westen van Münster loopt de route verder richting Kasteel Wilkinghege, Een groot landhuis dat tegenwoordig een hotel is. 

Even verderop ligt het veel kleinere Huis Rüschhaus. Dit is een mooi barok huis, maar je bent er snel uitgekeken. En dat laatste geldt ook voor Huis Vögeding, dat tegenwoordig bij een boerderij hoort en dus alleen van de zijkant bekeken kan worden.

Kasteel Hülshof staat aangemerkt als een Highlight op de route, maar helaas wordt deze op dit moment (2026) gerenoveerd. Los daarvan spraak het kasteel ons niet erg aan. Best aardig en in een mooi park, maar dat geldt voor veel meer kastelen op de route.

Haus Stapel vanaf de hoek gezien, je mag het binnenplein niet op

In en bij Havixbeck liggen nog twee andere mooie kastelen. Helaas kan je zowel bij Haus Havixbeck als bij Haus Stapel alleen vanaf het hek of de poort toekijken, maar dat levert toch al mooie plaatjes op.

Bij Billerbeck staan drie gebouwen op de route. Geen imposante kastelen, maar wel plekken waar je de historie kan terugzien. En dat geldt voor meer monumentale panden in het gezellige stadje.

Schloss Senden is een samenraapsel van stijlen

Op de route terug naar Lüdinghausen zijn de kastelen spaarzaam. Een combinatie met de Westelijke route kan je hier overwegen als je in de buurt overnacht. 

In Nottuln kan je barokke kloostergebouwen bewonderen en vanaf een doorgaande weg is de mooie gevel van Haus Klein-Schonebeck te zien. 

Kasteel Senden is een samenraapsel van verschillende stijlen, die ons niet zo kon bekoren. En Kasteel Kakesbeck zou een mooi complex moeten zijn, maar laat ons achter met de belofte dat het in de toekomst toegankelijk wordt gemaakt voor een breed publiek...

De Oostelijke route leidt je eerst door de bossen

Haus Dyckburg is tegenwoordig een kerkje

Je kan het Oostelijke deel van de 100 kastelenroute starten in Münster. Van daaruit rij je door een bosrijk gebied en kom je als eerste Haus Dyckburg tegen, een als kerkje verkleed klein leuk kasteeltje.

Een beetje verstopt kom je ook langs Haus Langen. Deze voormalige vesting is niet toegankelijk, maar door de bomen kan je de nog overgebleven gebouwen bekijken, evenals de oude watermolen.

Het mooiste kasteel op dit deel van de route vonden wij Schloss Loburg. Het is niet toegankelijk, maar je kan in het park rondom wandelen om een goed beeld te krijgen van alle kanten van het mooie waterslot.

Schloss Loburg is van de achterkant het mooist

Het dubbele kasteelcomplex van Harkotten viel ons nogal tegen. Van buiten niet zichtbaar danwel niet zo interessant, en rondleiding alleen op aanvraag. 

Haus Schüking in Sassenberg is onopvallend en kan alleen van de voorkant worden gezien. En dat betekent dat de nadruk van de Oostelijke route vooral in het uiterste Zuid-Oosten ligt.

Ook op dit deel van de route zijn veel van de kastelen alleen van de buitenkant te zien.

Van kasteel Nienburg is slechts een ruïne over, verstopt in de bossen. Ook Kasteel Stromberg is nu een ruïne, op de heuvelrug waar hij stond zijn nog delen van de ringmuur, een burchthuis en de Paulus-toren uit de 15e eeuw te zien. 

Bij het barokke Haus Geist wordt een historische boerderij gerund. Er kunnen evenementen worden gehouden en rondleidingen worden geboekt, gegeven door de eigenaar.

Haus Nottbeck wordt op de route als Highlight aangemerkt. En het classicistische landhuis met zijn omgeving is zeker de moeite waard. En dat geldt ook voor het literatuurmuseum in het landhuis.

Maar het pronkstuk van de Oostelijke route is wat ons betreft kasteel Rheda. De unieke Kapeltoren van dit kasteel is dagelijks gratis te bezoeken. Voor de rest van het kasteel zijn er op zondagen in de zomer rondleidingen.

De Abdij Liesborn is ook een Highlight. Je kan de mooie witte gebouwen van buiten altijd bewonderen. En ook het museum binnen is dagelijks gratis te bezoeken.

In het uiterste Zuiden van de route (en het Münsterland) liggen 3 kastelen waarbij alleen de omliggende parken vrij toegankelijk zijn.

Dat geldt voor Rittergut Haus Heerfeld met zijn trapgevels en rood-gele luiken, Kasteel Hovestadt in de stijl van de Lippe-Renaissance, en Haus Assen, dat met zijn ronde torens lijkt op een "echt" Middeleeuws kasteel.

Op de lange weg terug naar Münster kom je ook nog langs Haus Siekmann. Hier worden wel evenementen georganiseerd, maar buiten dat is het ook alleen van een afstandje te bezichtigen.

De rest van de route met de laatste 2 gebouwen stonden ook op de Zuidelijke route.

De Noordelijke route

Schloss Iburg gezien vanaf het boomkroonpad even verderop

Het Noordelijke deel van de 100 kastelenroute is bijna 300 km lang. Maar, het stuk richting het Oosten vanuit Münster èn het stuk richting het Westen van Münster waren ook onderdeel van het Oostelijke respectievelijk het Zuidelijke deel.

We beginnen deze route daarom bij Schloss Iburg. Voor deze vesting moeten we wel een stukje klimmen in het plaatsje Bad Iburg, al is het ook van een afstand mooi te zien. Binnen de witte muren is een voormalig klooster met kerk. Van vrijdag t/m zondag is het slotmuseum open.  Op andere dagen kan je wel binnen de muren rondkijken.

We bevinden zich hier aan de rand van het vlakke Münsterland en de overgang naar het middengebergte Teutoburgerwoud. Een aanrader hier is het dorp Tecklenburg. Hier staat een burgruïne die in de zomer gebruikt wordt als openluchttheater.

Patrick op de ruïne van Tecklenburg

Verwacht niet teveel van de ruïne, zeker niet als het theater gesloten is. Maar de combinatie van de vervallen muren, het uitzicht over het Münsterland, en het gezellige dorpje met terrasjes is helemaal top.

De andere kastelen in deze omgeving, Haus Vortlage en Haus Marck, zijn evenementenlocaties. Buiten de evenementen om kan je ze wel van buiten bewonderen. Haus Marck is van deze  het meest kasteel: een vierkante robuuste waterburcht.

Verder doorrijdend op de route kom je langs maar liefst 3 echte hoogtepunten. Het nog grotendeels intacte Klooster Gravenhorst stamt uit 1252. In de loop der eeuwen is er veel bijgebouwd en verbouwd, en het is nu een kunsthuis, dat voor het publiek in de middagen (behalve maandag) gratis te bezoeken is.

In de buurt van dit klooster ligt Schloss Surenburg. Dat is in privé-bezit, maar je kan door de poort wel een mooie glimp opvangen van het kasteel in verschillende stijlen.

Verderop, bij Rheine, staat een ander klooster: Bentlage, gesticht in 1437, maar in 1803 omgebouwd tot kasteel. Het kunstmuseum hier is ook gratis te bezoeken (behalve maandag en dinsdag). Maar bezoek het vooral ook voor de historische gebouwen in een prachtige natuurlijke omgeving.

Als je toch in Rheine bent, dan moet je zeker ook het Falkenhof bezoeken. Dit was ooit de oorsprong van het stadje, en in het prachtige barokke complex is nu een gratis museum met kunst en historische vondsten. Voor een rondleiding betaal je een klein bedrag.

Patrick in Bad Bentheim bij het kasteel

Het derde hoogtepunt ligt vlakbij de Nederlandse grens, en Burg Bentheim is bij veel Nederlanders wel bekend. Dit klassieke kasteel met onder andere een prachtige ridderzaal moet je eens bezocht hebben. En dat geldt voor het hele stadje Bad Bentheim.

Vanuit Bad Bentheim is het een flink eind (vooral op de fiets) naar de resterende kastelen op de Noordelijke route. 

Haus Welbergen is zeer de moeite waard. Je mag hier gratis in de tuinen rond het gebouw wandelen. Rondleidingen zijn voor groepen op aanvraag (maar niet in het weekend).

Het fotogenieke slot Steinfurt is in privé-bezit en dus niet toegankelijk. Maar het ligt in het stadje Steinfurt-Burgsteinfurt en je kan rondom dus mooie plaatjes schieten.

In Horstmar liggen diverse oude hofjes die vroeger bij kasteel Horstmar hoorden. Van het kasteel is slechts een ruïne over, maar de gebouwen bij de hofjes laten een unieke "Speck"-bouwstijl zien, die verder alleen in Nederland en België op enkele plekken te zien is.

Een stukje buiten Horstman is bij Haus Alst dezelfde stijl te zien. Deze kan alleen van afstand worden bewonderd.

En dan komt de Noordelijke route uit bij Billerbeck dat ook op de Zuidelijke route ligt. En vervolgens kan je langs die route naar Münster.


Patrick van der Meer

Patrick van der Meer is reisschrijver en Duitsland-specialist. Sinds 2020 maakt hij 5 tot 10 reizen per jaar door Duitsland, naast eerdere reizen voor vakantie-met-kinderen.com.

Gedreven door Duitse gemütlichkeit helpt hij Nederlanders om Duitsland als warme, verrassende vakantiebestemming te ontdekken. Zijn werk verscheen onder meer in Travelution, en hij sprak op de Fiets- en Wandelbeurs.